Bij recente controles merkten we dat inspecteurs steeds vaker de overeenkomsten tussen uitzendkantoren en gebruikers opvragen en controleren. Wat vroeger vaak als een commercieel document werd gezien, is vandaag duidelijk ook een juridisch aandachtspunt.
Dit is niet verrassend: deze overeenkomsten zijn niet alleen belangrijk voor de commerciële relatie, maar vormen ook een wettelijke verplichting onder de wetgeving voor uitzendarbeid.
Minstens de essentiële gegevens moeten vermeld worden: erkenningsnummer, RSZ-inschrijving, paritair comité, plaats & duur van tewerkstelling, motief, loon, arbeidstijdregeling, beroepskwalificatie, betalingswijze en kenmerken van de arbeidsplaats.
Praktisch: vaak zijn er twee documenten:
- Een raamovereenkomst met de algemene afspraken en kaders
- Gebruikerscontract met specifieke gegevens per tewerkstelling, verplicht op te maken binnen de zeven werkdagen vanaf de start van de tewerkstelling met de gegevens zoals hierboven aangegeven
Correct en tijdig opgemaakt = minder risico bij inspecties.
In een markt van stijgende loonkosten en druk op tarieven is inzicht in je marge geen luxe, maar een noodzaak.
Onze opleiding Margeberekening geeft uitzendkantoren opnieuw grip op hun cijfers.
Je leert onder meer het verschil tussen bruto- en nettomarge, de correcte loonkost per statuut & hoe je zelf marges kan berekenen om doelgericht prijzen te bepalen.
Voor wie is deze optie interessant?
Uitzendkantoren die hun rendabiliteit beter willen sturen, accountmanagers die sterker willen staan in tariefbesprekingen. Backoffice- en financeprofielen die hun cijfers willen doorgronden, of zaakvoerders die inzicht willen in wat opdrachten écht opbrengen.
Indien gewenst kunnen we werken met effectieve cijfers van het uitzendkantoor.
Welke thema’s staan momenteel bovenaan de agenda van uw inspectiedienst wanneer het gaat over de uitzendsector?
Diepgaande controles van uitzendkantoren behoren niet tot de prioriteiten van de RSZ-inspectie. Controle van de uitzendsector zelf is een taak van de Vlaamse Sociale Inspectie, die bevoegd is voor private arbeidsbemiddeling. Maar we komen tijdens onze controles uiteraard wel in aanraking met uitzendkrachten. Veel vaststellingen op het terrein hebben te maken met misbruik van uitzendkrachten inzake verloning, motief en de duur van de contracten. Voor aangetroffen uitzendkrachten moet daarom steeds in eerste instantie worden nagegaan of zij aan dezelfde loon- en arbeidsvoorwaarden werken als het personeel van de gebruiker. Maar ook dat is geen RSZ-prioriteit: het is de dienst Toezicht Sociale Wetten van de FOD WASO die gespecialiseerd is in die materie.
In de context van detachering van buitenlandse werknemers en de daarmee gepaard gaande sociale dumping is illegale terbeschikkingstelling in het kader van grensoverschrijdende tewerkstelling dan weer wel een terrein waar onze bevoegdheid van toepassing is op vlak van uitzendarbeid. Sociale dumping bestrijden is immers één van onze speerpunten.
Kan u schetsen hoe een inspectie in de praktijk verloopt bij een uitzendkantoor?
Dat zal dus in de meeste gevallen eerder via een onrechtstreekse aanleiding zijn, waarbij we een dossier opstarten naar aanleiding van een controle bij een gebruiker, waar de aanwezigheid van uitzendkrachten is vastgesteld. Omwille van de bevoegdheidsverdeling zullen we daarbij indien nodig contact opnemen met onze collega’s van de Vlaamse Sociale Inspectie die dan eventueel kunnen overgaan tot de volledige doorlichting van het kantoor.
De sector digitaliseert sterk. Hoe beïnvloedt dat uw werk?
Dit is een grote bezorgdheid, omdat er soms geen enkel contact meer blijkt te zijn tussen het uitzendkantoor en de gebruiker. In dergelijke gevallen is het uitzendkantoor enkel de leverancier van de nodige software waardoor zonder enige manuele of schriftelijke tussenkomst van het kantoor tewerkstellingen worden doorgegeven. Wij worden geconfronteerd met situaties waarbij het interimkantoor nooit enig contact heeft gehad met de gebruikers. Het komt zelfs voor dat het een derde partij is die het ondernemingsnummer van de gebruiker heeft doorgegeven waarop de tewerkstelling plaatsvindt. In bepaalde gevallen handelt men te kwader trouw door een nummer door te geven aan het interimkantoor en er interimarbeid op te melden, zonder dat de titularis van het ondernemingsnummer hiervoor nog hoeft tussen te komen, en er bijgevolg dus ook niks van afweet.
Tot slot: welke boodschap wilt u graag meegeven aan Belgische uitzendkantoren?
Ik wil me aansluiten bij een oproep van de Raad van arbeidsauditeurs aan de uitzendsector om de nodige aandacht te besteden aan het fenomeen identiteitsfraude. Ook uitzendkantoren dienen immers voldoende toezicht te houden op de identificatie van de werknemers die via hen aan de slag gaan. Een correcte identificatie is immers een onmisbare basis voor een juridisch correcte tewerkstelling.
Werkgevers met 20 of meer werknemers (uitzendkrachten tellen voor de drempel mee bij het uitzendkantoor) zijn verplicht om een opleidingsplan op te stellen. Het plan kan voor twee jaar worden afgesloten en geeft een overzicht van alle geplande opleidingen, inclusief de nodige toelichting.
Voor de periode 2026–2027 geldt in PC 200 dat elke werknemer verplicht 4 opleidingsdagen moet krijgen. Daarom moet er een nieuw opleidingsplan worden opgemaakt.
Belangrijke deadlines:
- 15 maart 2026: ontwerp van het opleidingsplan moet aan de vaste medewerkers worden meegedeeld.
- 31 maart 2026: definitieve inhoud van het opleidingsplan moet vastgesteld zijn.
Opmerking: Het zou niet langer nodig zijn om het plan digitaal aan de FOD WASO te bezorgen; bewaring binnen de onderneming volstaat.
Sinds 1 oktober versterkt Kristien Martens het Offix-team als Teamleader. Met maar liefst 18 jaar ervaring in de interimsector brengt zij een stevige expertise en een duidelijke visie mee. Kristien startte haar loopbaan in de toeristische sector, maar maakte al snel de overstap naar de uitzendwereld.
Bij Manpower doorliep ze gedurende 18 jaar verschillende functies, waarin ze een brede en diepgaande kennis opbouwde van de sector. Als Office Manager deed ze uitgebreide ervaring op in commerciële activiteiten, administratie, klantenservice en coaching. In haar latere rol als Sales & Operations Manager zette ze die expertise strategisch in om regio’s en segmenten te ondersteunen in hun groei.
Twee elementen liepen als een rode draad doorheen haar carrière: een uitmuntende klantenservice en een sterke focus op candidate management en -experience. Volgens Kristien zijn dit essentiële pijlers voor het succes en de duurzaamheid van elk uitzendkantoor.
Bij Offix wil ze haar ervaring inzetten om het team te ondersteunen met advies, de kwaliteit van de huidige dienstverlening te bewaken en het dienstenaanbod verder uit te breiden, in lijn met de groei van Offix. Naast haar professionele engagement is Kristien mama van twee tienerdochters. In haar vrije tijd geniet ze van een potje tennis, wandelingen met vriendinnen en – zodra de kans zich voordoet – reizen, een van haar grootste passies.
“Ik kijk ernaar uit om mijn ervaring in te zetten bij Offix en samen met het team verder te bouwen aan kwalitatieve dienstverlening en duurzame groei. Daarnaast verheug ik me erop om onze klanten persoonlijk te ontmoeten en hen actief te ondersteunen.”
Het antwoord hangt af van het type vakantiegeld: enkel of dubbel vertrekvakantiegeld.We zetten het onderscheid en de gevolgen helder voor je op een rij:
Enkel vertrekvakantiegeld
Voor uitzendkrachten worden de RSZ-bijdragen niet ingehouden bij de (vaak wekelijkse) uitbetaling van het enkel vertrekvakantiegeld. De bijdragen worden wel ingehouden op het moment dat de vakantie effectief (onder contract) wordt opgenomen. Het gaat om de gewone RSZ-bijdragen: zowel werkgevers- als werknemersbijdragen.
Dubbel vertrekvakantiegeld
Hier moet enkel een bijzondere bijdrage voor de werknemer worden berekend. Deze bijzondere bijdrage bedraagt 13,07%, maar wordt slechts toegepast op het deel van het dubbel vakantiegeld dat overeenkomt met 3 weken en 2 dagen vakantie. Concreet betekent dit dat 6,80% van het dubbel vertrekvakantiegeld onderworpen is aan de bijzondere werknemersbijdrage, en 0,87% niet.